Graszoden leggen, plaatsen of ophalen.

Onderhoud aan uw gazon

Gazononderhoud

Om een bestaand gazon er fraai en gezond uit te laten zien moet regelmatig aandacht worden besteed aan maaien, harken, bemesten, sproeien, beluchten en onkruidbestrijding.

Gras maaien

Bij gunstig weer groeien gazongrassen snel aan het eind van de lente. Ze moeten dan gewoonlijk twee keer per week gemaaid worden. In de zomer en het begin van de lente kunt u met eenmaal per week volstaan. Maai in zachte winters af en toe met de maaier op een hoge stand. Te scherp maaien verzwakt het gras en bevordert de groei van mos en onkruid. Maai stijlvolle gazons van 15 tot 20 mm en gazons die aan zwaardere slijtage onderhevig zijn van 20 tot 25 mm. Hark het maaisel altijd bij elkaar. Wanneer het op het gazon blijft liggen rotten kan het de afwatering en beluchting van het oppervlak slecht beïnvloeden

Graszoden bemesten

Regelmatige bemesting is van het grootste belang om het gazon gezond en levenskrachtig te houden. Gras groeit een paar maanden krachtig en verbruikt dan aanzienlijke hoeveelheden plantenvoedsel uit de grond. Bemest het gazon in het vroege voorjaar (maart tot april) zodra het gras zichtbaar begint te groeien. Neem daarvoor een universele kunstmest of een speciale gazonmest. Een gazonmest voor de lentebemesting kan als volgt worden samengesteld. Neem per m² 17g ammoniumsulfaat, 50g superfosfaat en 8g kaliumsulfaat.

Gras krijgt een groenere kleur en mosgroen wordt tegengegaan door aan dit mengsel 8g calcium ijzersulfaat toe te voegen. Als tussen de lente en het eind van de zomer de kracht achteruit gaat en de kleur van het gras minder wordt, kan gebruik gemaakt worden van een stikstofmest zoals ammoniumsulfaat. Dit moet met viermaal het gewicht aan droge grond worden gemengd om de stikstof gelijkmatig te verdelen. Dit voorkomt schroeiplekken op het gras van de geconcentreerde kunstmest.

In de koelere maanden, waarin het gras maar weinig groeit, behoeft niet gemest te worden. Geef alleen kunstmest wanneer de grond vochtig is, het liefst als er buien voorspeld zijn, of sproei het gras door en door na het strooien. Als de grasmat in de zomer te lijden heeft gehad van droogte, of als hij door veelvuldig gebruik platgetrapt is, kan in september een fosfaathoudende kunstmest worden toegediend na het gras geharkt en geprikt te hebben.

Jaarlijkse verjongingskuur

September is een geschikte maand om het gazon een grote beurt te geven. Dode of slappe pollen, rottend maaisel en afval moet krachtig worden weg geharkt. Dit zorgt ervoor dat er weer voldoende lucht, regenwater en meststoffen bij de wortels kunnen komen. Aangetrapte grasvelden kunnen opgefrist worden door te prikken, daardoor kan de lucht en het vocht tot de diepste wortels doordringen zodat deze zich beter ontwikkelen. U kunt prikken met een eenvoudige riek, maar er zijn ook grote machines in de handel. Het belangrijkste is dat er minstens 8 cm diep gestoken wordt. Op zware kleigrond moet een vork met holle tanden worden gebruikt. Deze trekt als een appelboor kleine pijpjes aarde uit de grond, die u later weg harkt. Over een gazon op kleigrond strooit u dan een nieuwe laag op basis van zand dat u in de gaten veegt. Dit mengsel bestaat uit gezeefde bladaarde of turfmolm, vermengd met zand. Op zware kleigrond moet het aandeel zand groter zijn dan op lichte grond waar meer organisch materiaal gebruikt wordt. De bovenlaag wordt toegediend in hoeveelheden van 4 á 6 kg/m² en het materiaal wordt degelijk in het gras geveegd met de achterkant van een hark. Wordt de laag te zwaar, dan kan bij fijn gras het onkruid de overhand krijgen.

Hobbels en kuilen moeten in het begin van de winter aangepakt worden door de zoden te rollen en daarna zoveel aarde weg te nemen of bij te vullen als nodig is, waarna u de zoden weer voorzichtig op hun plaats legt. De randen worden bijgehouden met een halvemaanvormige kantensteker die langs een plank het gras afsteekt. Na verloop van tijd kan het gazon enigszins krimpen. Dit kan worden opgelost door een strook graszoden te steken van 30 cm breed waarmee u een nieuwe rand legt. De vrijgekomen open ruimte zaait u dan opnieuw in.

Onkruid

Een groot aantal verschillende soorten wilde planten kunnen op gazons als lastig worden ervaren. Ze kunnen stuk voor stuk worden uitgestoken of worden verdelgd met een bestrijdingsmiddel.

Verzorgen van een pas aangelegd gazon

Sproei het nieuwe gazon regelmatig zodat het goed wortelt en niet krimpt. Als dit toch het geval is, vul dan de opengevallen voegen met aarde of een mengsel van zand en turf. De messen van de grasmaaier worden voor de eerste maaibeurt zo hoog mogelijk ingesteld, daarna steeds iets lager tot ze na een paar weken op de goede hoogte zitten.




Inloggen